Translate

27 januari 2010

genealogischgoed verkiezing

Gisteren kreeg ik een mailtje van een mij verder onbekende bezoeker van deze website met o.a. de volgende tekst:

"Met bewondering heb ik uw website over genealogie bekeken. Ik denk dat u grote kans maakt op de beste internetsite voor wat betreft de prijsvraag die is uitgeschreven door het CBG in samenwerking met genealogie online. Maar goed, dat is mijn mening...."

Op deze manier maakte ik kennis met deze verkiezing en ik heb de tipgever uiteraard bedankt en erbij gezegd, dat ik geen bezwaar zou hebben tegen een nominatie. Misschien heeft hij dat inmiddels wel gedaan. Tot mijn verrassing had iemand al mijn artikeltje over de zegelring genomineerd!

Ik heb mij er altijd al over verbaasd, dat in een land als Nederland, met een genealogische internetcultuur die zijn weerga in de wereld niet kent, nog nooit zo'n verkiezing is gehouden. In Amerika barst het van de Awards, en dat al sinds jaren. Nu hebben dus organisaties als
het CBG, de NGV, hcc!genealogie, het Nationaal Archief, het BHIC en het Regionaal Archief Tilburg, op initiatief van Bob Coret van genealogieonline.nl eindelijk in deze (mijn) behoefte voorzien. Wanneer u op de titelregel van dit bericht klikt, dan leest u er verder alles over. Inmiddels heb ik zelf ook de site van Piet Stilma genomineerd. Ik ben benieuwd, of hij door de screening komt, omdat voor een deel van de site registratie wordt verlangd in verband met de privacy.

Wanneer ook u GIJS'geneaLOG of een onderdeel daarvan wilt
nomineren, dan is dat uiteraard mogelijk. En u mag natuurlijk van 6 tot 26 februari ook uw stem uitbrengen.... Eerlijkheidshalve voeg ik daar wel aan toe, dat de juryprijs voor mij waardevoller zou zijn dan de publieksprijs. Je zou immers op het idee kunnen komen alle leden van je voetbalclub op te roepen op jouw site te stemmen. Toch? En ik ben, dit in tegenstelling tot mijn grootvader, geen voetballer.

Nieuwste aanwinsten

Het was altijd al handig om goed in de slappe was te zitten. 'Een waarheid als een koe', zult u zeggen. Je kunt je dan zo nu en dan iets extravagants permitteren. Het bedrag, dat ik kort geleden betaalde voor deze portretten aan een adverteerder op marktplaats.nl hoort zeker niet in deze categorie, maar waarschijnlijk heeft het afgebeelde echtpaar wel een lieve duit betaald aan de tekenaar en lithograaf Johan Hendrik Hoffmeister, die leefde van 1823 tot 1904. Per slot van rekening was deze ook hofportrettist van de Oranjes. Nou had Mr. Jan Fresemann Viëtor (want hij is het die hier is afgebeeld) ongetwijfeld lieve duiten genoeg om de rekening van de kunstenaar te spekken. Geboren op 20 december 1784 in de stad Groningen als zoon van een koopman in manufacturen ging hij Romeins en hedendaags recht studeren in zijn geboortestad en werd hij griffier aan het kantongerecht in Loppersum, later notaris te Winschoten. Dat is in een kleine plaats zeker geen beroep om per sé rijk van te worden en gelukkig had hij het ondernemersbloed van zijn vader meegekregen. Zo handelde hij in wijn, stak geld in een scheepswerf, was reder en hield hij er ook nog een steenfabriek op na. Daarnaast was hij als gematigd liberaal politiek actief als lid Provinciale Staten van Groningen voor de landelijke stand van omstreeks 1829 tot februari 1849, en als lid Eerste Kamer der Staten-Generaal voor de provincie Groningen, van 13 februari 1849 tot 20 augustus 1850. In 1852 is hij overleden. Achteraf was hij voor de gemeente Winschoten belangrijk genoeg om een straat naar hem te vernoemen.

Nog een waarheid als een koe: geld zoekt geld. Zijn vrouw Jantien
Haitzema (1794-1860) kwam ook uit een ondernemersfamilie. Zij was 10 jaar jonger dan haar man en werd moeder van 10 kinderen, waarvan 3 jong zijn gestorven. Vader Berend was negotiant, eigenaar van een olieslagerij, houtzagerij en een steen- en pannenfabriek te Winschoten.

De beide nieuwe aanwinsten krijgen binnenkort een plaats aan een muur in mijn werkkamer, die ik ga inrichten als echte portrettengalerij. Ik ben in het gelukkige bezit van nogal wat afbeeldingen van directe voorouders, die soms eeuwen geleden zijn gemaakt. Zo zelfs ook van de ouders van Jantien. En van Jan's vader en grootouders! Maar ik denk bijvoorbeeld ook aan opa Verburg in het Rijksmuseum. In mijn database zijn miniaturen van de portretten opgenomen. Wie iets in hogere resolutie wil hebben hoeft mij alleen een mail te sturen. Zodra die muur is gevuld zal ik daar zeker een foto van maken en hier laten zien. Hoe lang dat gaat duren? Daar doe ik geen uitspraak over, ik neig namelijk soms tot een zekere mate van luiheid....

Bij de litho's:
Links onder: 's Hage. E Spanier lith des Konings
Midden onder: Photolithografie van G.J. Thieme, Arnhem
Rechts onder: I.H. Hoffmeister del.
Formaat: ca. 27 x 35 cm
Ingelijst door L. Rodermond, Groningen


Een ander portret van hem is te vinden via de site Parlement & Politiek, waar u gegevens kunt opzoeken van alle parlementariërs, ministers en staatssecretarissen uit heden en verleden.

De foto van het straatnaambord is gemaakt door
docman.

18 januari 2010

Hugenoten

Strikt genomen hebben in Nederland en andere landen buiten Frankrijk geen Hugenoten gewoond. De mensen, om wie het hier gaat, werden alleen in Frankrijk door de Rooms-Katholieken aldaar zo genoemd. Want 'Hugenoot' was een Frans scheldwoord voor de aanhangers van Calvijn en andere ketters. Toen de Hugenoten eenmaal gevlucht waren voor de vervolging in Frankrijk, waren het in hun nieuwe vaderland gewoon protestanten of waals-gereformeerden. Op internet is veel over de Hugenoten te vinden, een heel aardig artikel vond ik dat van collega-genealoog A.W. Slager.

Veel van de Franse protestanten zijn in Nederland terechtgekomen. Omdat er nogal wat goed opgeleide mensen bij zaten, vooral ook die een vak hadden geleerd, werden ze in het algemeen hier met open armen ontvangen. Rond 1700 maakten in Amsterdam de Fransen al ongeveer 10% van de bevolking uit. Een andere stad met veel aantrekkingskracht voor de Franse protestanten was Leiden met een belangrijke textielnijverheid. Verder zaten de Hugenoten in Zeeland, vooral Walcheren en Zeeuws-Vlaanderen. Het is dan ook heel begrijpelijk, dat veel mensen met voorouders uit die contreien ook Franse wortels blijken te hebben. Bij mij is dat niet anders. Ik noem er een aantal:

Amsterdam

  • Agran Chesnel (later werd de familienaam Snel). Hij kwam rond 1625 uit Sedan, samen met zijn vrouw Susanne Jamme (Janne, Gemme, Gamme). Nadien trouwde hij met Marie Pelo. Hij was scharenslijper van beroep. Nakomelingen van Agran met de naam Snel zijn nog in leven. Een aangetrouwde Franse familie was bv. Durant.
  • Claude Simaij (Symé, Simet) is mogelijk samen met Agran Chesnel uit Sedan gekomen. Zijn vrouw heette Marye Maliser.
  • Miche Blanchenoij, herkomst onbekend, maar deze familienaam komt voor in Antoign in Waals Brabant. Hij moet rond 1642 samen met zijn vrouw Marie Gringolle vanuit Londen, waar zij jaren hadden gewoond, naar Amsterdam zijn gekomen. De naam werd voor sommigen later vernederlandst tot Wittenoot. Aangetrouwde familie: de Fosse (Fossez). Blanchenoij en Wittenoot komen niet voor in de Nederlandse Familienamenbank (NFB) van het Meertens Instituut.
  • Salomon Lannoy (la Noij) kwam rond 1660 via een andere route naar Amsterdam, nl. uit Nieuwkopping in Zweden. Het is bekend, dat veel Hugenoten ook naar Zweden zijn gevlucht. Salomon was zijdegrofgreinwerker.
Leiden
  • Pieter Spillebout zal rond 1695 zijn geboren in Haarlem. Hij was doopsgezind. Zeer waarschijnlijk is hij een zoon van Dirck Spillebout en Beeltje van Diepenbroeck. Vermoedelijke voorouder is dan Jan Spillebout, afkomstig van Nieppe, wonend Haarlem, die in het jaar 1593 te Leiden trouwde met Betgen Snees uit Zuidschote bij Ieper.
  • Mathieu Jenain, kamerijksdoekwerker uit Le Cateau Cambresis, getrouwd in 1605 te Leiden met de Antwerpse Marye Catoir. De naam wordt later o.a. Jeneijn, Geneijn en zelfs De Nijn. Aangetrouwde families o.a. Porette, le Juste en Martyn.
Zeeland
  • Antoine de Mauregnault, geb. Middelburg ca. 1541, die later koopman werd te Keulen. Hij was getrouwd met Jeanne des Enfants uit Mons. Aangetrouwde families o.a de Blécourt, Wille en Coppins (de beide laatsten waarschijnlijk uit Valenciennes). Ook Haesbaert uit Gent was een hugenotenfamilie in mijn voorgeslacht, die later familiebanden met de Mauregnault had.
  • Francois Sohier (Sohyer) uit Nieppe, kwam waarschijnlijk kort na 1639 via Middelburg naar Groede en Breskens. Hij was getrouwd met Marie Ernoult en later met Pirone Carlier uit Estaires. Aangetrouwde families o.a. de Gruson, de Marets uit Beauchamp en le Grand.
  • Abraham Haillieu, die te Groede woonde. Zijn dochter Susanna werd daar op 2-1-1653 gedoopt en zou door het leven gaan als Aillie.
Bij de afbeelding:
Het zg. hugenotenkruis, dat in deze vorm bekend is sinds 1687. De vorm is afgeleid van het Maltezer Kruis. De vier driehoeken, die de armen van het kruis vormen, zijn een verwijzing naar de vier evangelien. De bolletjes aan het einde daarvan hebben betrekking op de acht zaligsprekingen in de Bergrede van Jezus. Ze gelden soms ook als symbolen van de tranen, die vergoten zijn tijdens de vervolgingen. De vrije plekken tussen de vier armen worden opgevuld door vier lelies, het wapen van de Bourgondische hoogadel. Deze verwijzen naar de verbondenheid met Frankrijk. Maar de lelies bestaan ieder weer uit drie blaadjes, zodat dit symbool staat voor de twaalf apostelen. De naar beneden vliegende duif is symbool voor de Heilige Geest. Tegenwoordig wordt het hugenotenkruis door vele protestantse gezindten gedragen, niet alleen in Frankrijk.



30 december 2009

Goede jaarwisseling!

Met deze magnifieke vuurwerkfoto van Elisa Gabriele wens ik u allen een zinderende jaarwisseling en een genoegelijk 2010. Er is veel te doen, vooral ook ten behoeve van die ander.....

17 december 2009

Eugenetica

Mijn unieke leraar Frans op de middelbare school, Marcel Philip Meijer, gaf als definitie van een schutting: "Een aantal getimmerde planken met een vies woord erop". Dat vieze woord mochten wij als leerlingen dan stilletjes zelf bedenken. In die tijd dacht ik zeker aan iets anders dan aan het woord eugenetica. Inmiddels zou het in aanmerking kunnen komen. Eugenetica is in het kort de leer van verbetering van erfelijke kenmerken, en dan speciaal van het menselijke ras. Wikipedia heeft er een interessant lemma over en bekijk vooral ook de aan het eind aangegeven pro en contra websites. Ook het artikel op Kennislink is lezenswaardig. Eugenetica staat in een kwade reuk, hoewel je er soms toch ook in Nederland nog wel elementen van tegen komt. Bijvoorbeeld in discussies over sterilisatie van trouwlustige, maar zwakbegaafde jonge mensen.

Heeft eugenetica iets met genealogie te maken? Zo op het eerste gezicht niet al te veel. Toch dacht de zooloog professor J.F. van Bemmelen daar iets anders over. Ik schreef al eens over hem in het kader van zijn serie Dubbelgangers. Kort geleden kon ik de uitgave "Afkomst en Toekomst" verschenen in het jaar 1940 op de kop tikken voor een paar euro. Waar het tijdschrift voor staat blijkt duidelijk uit de omslagpagina. Hij behandelt in het artikel "De parenteel Viëtor x Berendsz" hetzelfde thema, de erfelijke terugkeer van een gemeenschappelijk voorvaderlijk type, die je terugziet in de gelijkenis tussen (verre) bloedverwanten. Hij probeert dit wetenschappelijk aan de hand van foto's te onderbouwen. Naar mijn mening is hij daar niet in geslaagd. Het gehele artikel is hier na te lezen. Bijvoorbeeld de vermeende relatie tussen Conradus Viëtor (1588-1657) en Berend Haitzema Viëtor (1817-1874) is volledig uit de lucht gegrepen. Ook zijn conclusies ten aanzien van uiterlijke overeenkomsten zijn op z'n minst arbitrair. Het door hem op de eerste pagina genoemde boek, dat het startpunt van zijn onderzoek vormde, nl. "Het geslacht Viëtor en aanverwante familien" uit 1910 is eveneens onderdeel van mijn bibliotheek. Mijn voorouders met de naam Keppel Hesselink komen er veelvuldig in voor.

Het blijft een interessant onderwerp: Komen mijn lichamelijke kenmerken overeen met die van een verre voorouder en met sommige andere nakomelingen van die verre voorzaat? Ik weet wel, dat in Driebergen of omgeving iemand moet wonen, die vreselijk veel op mij lijkt. Ik zal eens kennis proberen te maken.

Van Bemmelen had zeker sympathie voor eugenetica. Maar zijn belangstelling voor de genealogie was waarschijnlijk een stuk groter. Gelukkig maar.

8 november 2009

Zegelring

Als u goed kijkt kunt u de in deze zegelring gegraveerde initialen en datum ontcijferen: L.R.H. 30.8.86. Sinds een jaar of wat mag ik op deze ring passen. Inderdaad is 30 augustus 1886 de geboortedatum van Laurens Rijnhart Hesselink, oom van mijn vader. Lau, zoals hij werd genoemd, is geboren in Arnhem en overleden op 25 april 1925 in Ellwood City, Pennsylvania, USA. Daar werkte hij als ingenieur in de staalindustrie. In Zürich had hij werktuigbouwkunde gestudeerd. Daar is ook zijn portret gefotografeerd. Hij vormde zeker de inspiratiebron voor mijn vader om eveneens zo'n studie te gaan volgen, zij het dan in Dordrecht. Lau overleed 'na een korte ongesteldheid', zoals de overlijdensadvertentie vermeldt (in dit geval was het longontsteking). Niet heel lang daarvoor had mijn vader hem nog naar de boot naar Amerika gebracht, na een verlof in Europa. Hij bleef ongehuwd.

Maar laten we ook even naar het familiewapen kijken. Ik heb het hier beschreven. De zandloper als helmteken staat op de ring rechtop, de omgekeerde antieke 4 is ernaast geplaatst. De blauwlagensteen is prachtig van kleur, maar er zit helaas wel een barst in. De ring zit mij als gegoten en bij speciale gelegenheden toon ik hem aan den volke. Met gepaste trots uiteraard.

11 oktober 2009

Vriezenveen

Uit De NAVORSCHER, 'een middel tot gedachtewisseling en letterkundig verkeer tussen allen die iets weten, iets te vragen hebben, of iets kunnen oplossen'. Jaargang 26 (1876).

De volgende bijdrage is geschreven door mijn overgrootvader (die iets meende te weten, toen 24 jaar oud was en op het punt stond te trouwen met de Vriezenveense Egberta Engberts):

Friezenveen. (XXV. bl. 489, 583).
Naar aanleiding der vraag over het merkwaardige dorp Friezenveen, gewerden mij de volgende opgaven :

Zekere oorkonden over de stichting van het dorp bestaan er niet; waarschijnlijk was het een hooge vloed, die een hoop Friezen zuidwaarts dreef, vooreerst tot Staphorst. Dit dorp heeft over 't algemeen dezelfde gewoonten, gebruiken, taal, wijze van landbouw als Vriezenveen, geheel afwijkende van die der omstreken, waaruit bijna met zekerheid kan afgeleid worden, dat de bewoners van gelijken oorsprong zijn. Zeker is het, dat het een arm volkje was, met weinig tevreden, want de plek, waar zij zich hier het eerst neerzetten, was zoo ellendig, moerassig en laag, dat zij nog tweemaal weer moesten verhuizen vóór zij op de tegenwoordige, nog alles behalve vruchtbare en uitlokkende, plaats voor goed bleven. Met regt zegt dan ook een oud vriezenveensch gedicht:

"Laat oude en buitenweg ')
een spoor voor 't nakroost blijven
Van onvermoeide vlijt.
Ja onvermoeide vlijt was en is nog een karaktertrek van dit eigenaardige volk. De nakomelingen hebben geen reden om zich over hun armoede te beklagen, want de honger dreef hen de deur uit, om in de wijde wereld te zoeken, wat het moeras, hun woonplaats, niet opleverde en elk land van Europa heeft zijn schatting aan dit eenvoudige dorp betaald. Almelo was voor de Vriezenveeners de fabriek van linnens, waarmede zij dan op weg trokken zonder eenige taalkennis, trots alle bezwaren in oude dagen aan het reizen verbonden. Nergens werden zij beter ontvangen dan in Rusland waar de czaar en czarin er zich dikwijls aan gelegen lieten liggen hen gastvrij te herbergen en te onthalen en moeite deden om hen in Rusland te behouden, en dit is de reden, dat zij zich in 't vervolg in Petersburg vestigden, waar tot op onze dagen een Hollandsch magazijn de hoogste eer geniet.
Ja, voorgeslacht, uw roem houdt stand:
Trouw drukt uw kroost uw spoor!
Getuig' 't elk deel van Nederland,
Getuig' 't alduinen Newastrand:
Nog strekt ons huis ten onderpand
De handelwereld door."
') De beide straten der eerste woonplaatsen.
Zoo een en ander Vriezenveener. Ja ook elk deel van Nederland weet van de Vriezenveeners: de minder gegoede hangen tegen den winter den reiszak om gaan zaden en linnens inkoopen en reizen elk hun eigen streek af om het van de hand te zetten. Maar hoe aangenaam het hun in den vreemde ook gemaakt werd, zij keerden steeds naar het vaderoord terug en zaten er niet stil. Met schop en spade gingen zij aan 't werk, die eerste bewoners, wierpen dijken op, om zich voor verdere overstroomingen te beveiligen, maakten waterleidingen en hadden al spoedig uit plassen en moerassen weiland te voorschijn geroepen.

Ja niet lang duurde het, of er werden begeerige oogen op de welvarende streek geslagen. Zonder schijn van regt dan het regt van den sterksten, verklaarde een naburig graaf deze landen voor zijn eigendom en legde hun een schatting in boter op, die nog tot onze dagen voortduurt. Dit geschiedde in 't jaar 1421, dus reeds 3 a 4 eeuwen na hunne komst alhier.

Ik besluit met een paar dichtregelen:

En al 't naburig volk van Daarle, Ham en Wierden
Ja 't statig Almelo,
Zal steeds een dankbaar oog op onzen voorspoed vesten
Waaruit hun welvaart sproot.

C. D. KEPPEL HESSELINK.

Bij de foto: De Engberts villa "Mon Repos" te Vriezenveen, gebouwd na de grote brand van 1905. 

10 oktober 2009

Vitesse

Een paar dagen geleden liet ik u een foto zien van een Leids studenten hockeyteam, met daarop o.a. Willem Hesselink (1878-1973). Nu een foto uit zijn voetballeven, namelijk het elftal van Vitesse in Arnhem, bij het 5-jarig bestaan van de vereniging in 1897. De familie Hesselink was zeer nauw betrokken bij de oprichting van de club en heeft vele jaren lang bestuurs- en andere functies bekleed, waaronder die van voorzitter. Willem werd later ook international. Meer over de geschiedenis van Vitesse op de officiele clubsite. Vitesse was in de competitie o.a. tegenstander van Go Ahead Wageningen, dat is opgegaan in GVC.


De namen van het elftal op de foto zijn bekend. Staand vlnr: Van Rossum, Rein Hendriks, Herman Hesselink (1876-1954), Roqué, Jager, Piet Hendriks, Meihuizen. Zittend vlnr: d'Arnaud Gerkens, Jacobsen, Lutjens, Willem Hesselink.

9 oktober 2009

Cursus paleografie

Het werd werkelijk hoogste tijd. En dus heb ik mij in de zomer aangemeld voor een cursus lezen oud schrift, met een geleerd woord ook wel paleografie genoemd. Een hele tijd geleden gaf ik al eens aan, dat ik daar voor mijn genealogische naspeuringen toch echt behoefte aan had. Lang heb ik het voor mij uitgeschoven, maar inmiddels heb ik er twee lessen opzitten. Van de tien. Dus ben ik voor even student bij het Regionaal Archief Alkmaar bij 'professor' en archivaris Harry de Raad. Hij heeft een compleet cursusboek samengesteld en geeft de lessen op een relaxte manier met veel achtergrond bij de teksten. Want het is niet alleen een kwestie van lezen van de oude manuscripten, maar het gaat ook om het begrijpen ervan. De cursisten bestaan voornamelijk uit genealogen, amateur historici (historische verenigingen) en meer van dit soort types. Goed volk dus...


Wie op afstand en op eigen houtje mee wil doen kan surfen naar de website van het archief. Dit is de directe link naar de te transcriberen teksten en het cursusboek. Mijn huiswerk voor de volgende les is tekst 4 met een schrifttype, dat in de 17e eeuw heel veel voorkomt. Daar heb ik me dan ook al vaak op zitten blindstaren. Maar deze keer zal ik me er door heen werken. Ik wil een 10, en ook die griffel!

1 oktober 2009

Hockey te Leiden rond 1902

Soms kom je bijzondere familiefoto's tegen, die ook voor niet-familieleden interessant kunnen zijn. Een voorbeeld lijkt mij dit plaatje van een Leids hockey studententeam, dat winnaar van de beker was geworden. Welke beker blijft helaas wel een raadsel. Vermoedelijk werd vooral tegen andere universiteiten gespeeld. We schrijven het jaar 1902 of daaromtrent. Op internet heb ik naar informatie over Leids hockey van rond die tijd gezocht, echter zonder resultaat. Misschien vind ik nog eens iets in historische kranten. Of weet u meer?

Wie de spelers waren? Op de achterkant staan de namen: Bovenste rij vlnr: NN, v.d.Pot,  Schorel, v. Deinse. Middelste rij vlnr: De Monchy, Cambier,  NN, Ferf. Voorste rij vlnr: v.d. Goes Lieftink, E. Hesselink, W. Hesselink, E. Sol, Coops. Tot mijn familie behoren de rechtenstudent Engbertus Keppel Hesselink (1879-1957), de latere president van de Raad van Justitie te Medan, Raadsheer in het Hooggerechtshof, tevens president van het Hoog Militair Gerechtshof. Naast hem (dus voorste rij midden) zit zijn broer, de chemiestudent Willem Frederik Hesselink (1878-1973), de bekende voetballer van Vitesse, HVV en Bayern Munchen. Dit is opmerkelijk, want hij was inderdaad een zeer bekend sportman in die dagen (atletiek, touwtrekken, voetbal), maar dat hij ook heeft gehockeyd was nauwelijks opgevallen. Later werd hij gerechtelijk scheikundige, die als getuige-deskundige bij vele zware misdrijven werd ingeschakeld. De kranten in de tijd tussen beide wereldoorlogen stonden er vol van.

Zelf heb ik in mijn schooljaren ook hockey gespeeld, namelijk bij Meppel, dat toen in de hoogste klasse speelde. Maar ja, ik speelde in het derde team....